Home

De publicatie van het boek ‘De afrekening’ van prof. dr. Maarten van Buuren is aanleiding geweest om deze website te starten. De auteurs van ‘Gemeente Naaldwijk 1940-1945’ zijn van mening dat Van Buuren op veel punten een onjuist beeld schetst.

Via het horizontale menu vindt u achtergrondinformatie over deze website, onder andere over doel, werkwijze en opzet van deze website.

Via het linkermenu vindt u de weg door inhoudelijke reacties op ‘De afrekening’.


Berichten

Verzetsleider Piet Doelman was geen maffiabaas

De wekelijkse rubriek in Trouw ‘brief van de hoofdredactie’ van 1 juli 2017 staat in het teken van een gesprek van hoofdredacteur Cees van der Laan met Jan Doelman, zoon van verzetsleider Piet Doelman.

Aanleiding voor het gesprek was de voorpublicatie in Trouw in 2011 van het boek ‘De Afrekening’ over het verzetsverleden van Piet Doelman.

De Ombudsman van Trouw concludeerde eind 2016 dat Trouw ‘moreel het principe van hoor en wederhoor naar de familie Doelman had moeten toepassen, omdat de vader in de publicatie werd neergezet als ‘maffiabaas’ en ‘voorman van een misdaadsyndicaat’.
Aantijgingen dat Piet Doelman een ‘maffiabaas’ was, zijn onbewezen gebleken.

Lees hier de brief van de hoofdredactie van Trouw van 1 juli 2017

Ombudsman van dagblad Trouw onderzoekt klacht Jan Doelman

Piet Doelman, de vader van Jan Doelman, wordt in het boek ‘De afrekening’ (2011) beschuldigd van misdaden die hij na afloop van de Tweede Wereldoorlog als verzetsstrijder gepleegd zou hebben. Dagblad Trouw besteedde veel aandacht aan dat boek.

Jan Doelman heeft bij de Ombudsman van Trouw geklaagd over journalistieke verwaarlozing. Voor zijn kant van het verhaal vond hij bij de redactie van Trouw amper gehoor. 

De Ombudsman van Trouw beschreef zijn onderzoek 2 maal in zijn wekelijkse rubriek van 16 en 23 december 2016 met de titel ‘Teleurstellingen van Jan Doelman’.

Conclusie van de Ombudsman van Trouw

“Tot 2 november 2016 had Doelman regelmatig contact met de chef van Letter & Geest, en eerder met de toenmalig hoofdredacteur van Trouw, alsmede enkele andere redacteuren. Dat contact verliep niet altijd soepel. Dat Jan Doelman zich al die jaren niet gehoord voelde, mag een deel van de redactie zich aanrekenen.”

Lees hier de rubriek van de Ombudsman van Trouw van 16 december 2016

Lees hier de rubriek van de Ombudsman van Trouw van 23 december 2016

Eric Slot is klaar met Van Buuren

Radio Rijnmond heeft op 22 februari 2013 de historicus/journalist Eric Slot aan het woord gelaten om te reageren op het eerdere interview met Van Buuren. Eric Slot heeft een uitvoerig commentaar geschreven op ‘De afrekening’. Hij heeft dezelfde bronnen geraadpleegd als Van Buuren en komt tot geheel andere conclusies.
Zijn commentaar is te vinden op onze website via deze link.

De conclusie van journalist Paul Verspeek dat misschien een onafhankelijke partij als scheidsrechter zou moeten optreden, is zo gek nog niet. De vraag is echter wie die handschoen wil oppakken. Lees verder

Getergde Van Buuren bijt van zich af in interview met Radio Rijnmond

Op 8 februari 2013 verscheen via Radio Rijnmond een interview met Maarten van Buuren. Hierin herhaalt hij zijn standpunten over Doelman en het gewapende verzet. Tegelijkertijd voegt hij enkele beweringen toe die de nodige vragen oproepen. Zo kwalificeert hij de uitgesproken bezwaren van het schrijverscollectief als “laster”, “schandalige mentaliteit” en “hetze” en herhaalt hij zijn grief “bestookt te zijn met haatmails”. Lees verder

Geert Hovingh weerspreekt conclusies van Van Buuren

In een uitgebreid artikel gaat drs. G.C. Hovingh nader in op enkele conclusies van Maarten van Buuren.

Gebaseerd op een grondige analyse van bronnen constateert de heer Hovingh dat de verzetsgroep van Piet Doelman wel degelijk in 1944 geprobeerd heeft om Leendert Valstar (‘Bertus’) uit Kamp Vught te bevrijden. Ook constateert hij dat Van Buuren nauwelijks besef heeft van het ontstaan van de LO en LKP.

Hovingh is auteur van de biografie ‘Johannes Post. Exponent van het verzet’ (1995).

Commentaar van Geert Hovingh op enkele beweringen van Maarten van Buuren